Defensie investeert in strategische droneverdediging: C-UAS partnerschap voor lange termijn goedgekeurd

Onbemande luchtvaartuigen, internationaal bekend als Unmanned Aerial Systems (UAS) of drones, vormen vandaag een reële bedreiging voor militaire eenheden, gevoelige infrastructuur en belangrijke evenementen, zoals EU- en NAVO-toppen die in ons land doorgaan. De recente conflicten in Oekraïne tonen daarnaast duidelijk aan dat zowel grootschalig gebruik als nieuwe technologische ontwikkelingen – zoals autonome beslissingscapaciteit (via AI), resistentie tegen elektromagnetische verstoring en gecoördineerde zwermaanvallen – drones tot een centraal element van moderne oorlogsvoering maken. Ook in België en in de omgeving van onze militaire faciliteiten is de dreiging al zichtbaar geweest, en is er een verhoogde waakzaamheid noodzakelijk.

Van acute nood naar strategische capaciteitsopbouw

“Met eerdere aankopen van onder andere de Giraffe radars, jammers, radiofrequentiedetectors en interceptor drones hebben we de hoogste nood tijdelijk afgedekt”, aldus minister FranckenMet dit project is het echter de bedoeling om een stap verder te zetten en te bouwen aan een soevereine droneverdediging die flexibel, aanpasbaar en technologisch onafhankelijk is. Dit met als één geheel samenwerkende detectieapparatuur, besturingssystemen en middelen om drones uit te schakelen, zodat alles soepel en efficiënt functioneert, ongeacht van welke fabrikant de onderdelen komen.”

Het is de bedoeling een partnerschap op te zetten tussen bedrijven uit EU, NAVO-lidstaten en/of Oekraïne enerzijds en Belgische firma’s anderzijds waarbij gestreefd zal worden naar, minstens voor een deel, het in handen houden van de intellectuele eigendomsrechten (IP -intellectual property) op de toekomstige gemeenschappelijke ontwikkelingen. Dit partnerschap moet dan voorzien in een breed scala aan militair inzetbare systemen: vaste installaties voor belangrijke militaire en maritieme infrastructuur, semi-vaste modulaire systemen die verplaatsbaar zijn voor langere periodes, platform-gebaseerde oplossingen voor voertuigen of schepen, en lichtgewicht manportable systemen voor tactische inzet op korte afstand. Belgische industriële en academische partners zullen zorgen voor onderhoud, operationele ondersteuning, data-beheer en engineering, waardoor strategische autonomie en permanente beschikbaarheid worden gegarandeerd.

“Het is een goede zaak dat we onze eigen kennis en expertise op het gebied van droneverdediging kunnen uitbouwen,” zegt minister Francken. “Dankzij Belgische industriële en academische partners kunnen we het onderhoud, de operationele ondersteuning, het databeheer en de engineering volledig lokaal verankeren. Dat garandeert niet alleen de permanente beschikbaarheid van onze C-UAS-systemen, maar versterkt ook onze strategische autonomie op lange termijn.”

Daarnaast voorziet het partnerschap een doorlopende onderzoek- en ontwikkelingscomponent via DIRS (Defence, Industry and Research Strategy), zodat systemen continu kunnen worden aangepast op basis van operationele ervaringen en technologische evolutie. De raamovereenkomst kent een initiële looptijd van tien jaar met een optionele verlenging van twee jaar. De totale investering wordt geraamd op circa 1,1 miljard euro inclusief btw, met gedeeltelijke btw-vrijstelling voor investeringen en volledige vrijstelling voor werking.

Met dit project versterkt België zijn Defensie Technologische en Industriële Basis (DTIB), verhoogt het de operationele gereedheid van de strijdkrachten en draagt het bij aan de strategische autonomie van de Europese Unie. De goedkeuring van dit dossier betekent een belangrijke stap voor Defensie richting een toekomstbestendige, geïntegreerde en nationaal verankerde verdediging tegen drones, zowel in België als bij internationale inzet.